09/04/2026
๐๐ผ๐น๐น๐ฒ๐ป๐ฝ๐น๐ฎ๐ฎ๐๐๐น๐ผ๐ฒ๐ฟ ๐ด๐ฒ๐ฒ๐ป ๐ฒ๐ฟ๐ป๐๐๐ถ๐ด ๐ด๐ฒ๐ฏ๐ฟ๐ฒ๐ธ (๐ฒ๐
ยง ๐ฎ๐ด ๐น๐ถ๐ฑ ๐ฎ ๐๐๐ฏ ๐ฏ ๐จ๐๐ฉ-๐๐) - Sinds de instorting van de parkeergarage bij vliegveld Eindhoven in 2017 is discussie over de vraag of toegepaste breedplaatvloeren met een grote overspanning, gebrekkig zijn. Na 2017 zijn gebouweigenaren verplicht om dergelijke breedplaatvloeren in bestaande gebouwen rekenkundig te onderzoeken. Hieruit kan volgen dat vloeren rekenkundig niet voldoen en gebouweigenaren stellen dan vaak de aannemer van het gebouw aansprakelijk. Als een vloer rekenkundig niet voldoet, wil dat echter nog niet zeggen dat dit feitelijk in de praktijk ook zo is. Een proefbelasting kan dan uitkomst bieden.
Gezien het vaak lange tijdsverloop tussen de oplevering van een gebouw en de (na 2017) rekenkundige vaststelling dat een breedplaatvloer niet voldoet, kan bovendien discussie bestaan of een vordering van de gebouweigenaar op de aannemer nog wel ontvankelijk is. Het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden oordeelde in 2025 in een UAV-GC zaak dat (als al sprake is van een gebrek) geen sprake is van een ernstig gebrek en de meer dan vijf jaar na oplevering (en onderhoudstermijn) ingediende vordering van de gebouweigenaar niet-ontvankelijk is. Interessant is ook dat het hof, anders dan de rechtbank, oordeelt dat het โstate-of-the-art-verweerโ van de aannemer wel slaagt. Als sprake is van een (ernstig) gebrek is dit volgens het hof niet te wijten aan zijn schuld.
De gebouweigenaar ging in cassatie bij de hoge raad. De hoge raad moet nog oordelen, maar het advies van de procureur-generaal aan de hoge raad is inmiddels wel bekend. De p-g is het eens met het gerechtshof dat geen sprake is van een ernstig gebrek, zodat de vordering van de gebouweigenaar niet-ontvankelijk is. Aan een oordeel over het โstate-of-the-art-verweerโ komt de p-g daarom niet toe.
Olivier Vermeulen schreef een blog waarin hij de uitspraken en het advies van de p-g toelicht:
https://clairfort.nl/bollenplaatvloer/