04/06/2026
Twee weken geleden lag het Advocatenblad op de mat. Pagina na pagina: advertenties voor AI-tools voor advocaten. Het zette me aan het denken over mijn eigen verhouding tot die technologie.
Gebruik ik AI? Jazeker. Voor het opzoeken van uitspraken en jurisprudentie is het werkelijk een uitkomst. Wat vroeger uren kostte, gaat nu in minuten. Dat voordeel geef ik direct door: minder zoektijd betekent minder uren op mijn declaratie. Maar voorzichtig ben ik wel: persoonsgegevens en financiรซle informatie deel ik niet met externe platforms, AI of anderszins. Dat deed en doe ik met Google ook al niet want sommige dingen horen gewoon niet op servers die ik niet ken.
Schrijf ik processtukken met AI? Nee. Niet omdat ik er principieel tegen ben maar simpelweg omdat ik het niet nodig heb. Een processtuk begint bij het gesprek met de cliรซnt. Het vormt zich terwijl ik luister, terwijl ik nadenk over een tactiek en terwijl ik in mijn geheugen zoek naar vergelijkbare zaken. Na meer dan 17 jaar aan het werk als advocaat heb ik een eigen bibliotheek opgebouwd. Wanneer een nieuwe cliรซnt mij zijn geschil voorlegt, herken ik patronen, precedenten en valkuilen. Die herkenning is snel en waarschijnlijk net zo snel als AI maar mรฉt iets wat AI niet heeft: context, verantwoordelijkheid en aanwezigheid.
Uiteindelijk staan we samen in de rechtszaal en dan wil mijn cliรซnt iemand naast zich die de zaak door en door kent. Iemand die de onderhandelingen heeft gevoerd, de stukken heeft geschreven, de strategie heeft bedacht. Geen samenvatting van andermans tekst, maar een eigen oordeel.